Annegreet van Bergen tipt Frankenstein: ‘adembenemend spannend’

Portret van Mary Shelley. Beeld Getty

‘Giechelig’ werd Annegreet van Bergen (1954) van het succes van Gouden jaren (2014). Het boek – over de naoorlogse economische expansie en hoe die het dagelijks leven ingrijpend veranderde, aan de hand van voorbeelden als het stoppen van sokken en bellen bij de buren – raakte een nostalgische snaar, stond honderd weken in de CPNB Bestseller 60 en is meer dan driehonderdduizend keer verkocht. Ook de opvolger, Het goede leven, met nieuwe observaties en anekdotes, schoot na verschijning (in september 2018) meteen de bestsellerslijsten in. Zelf noemt ze het ‘feelgood-boeken op basis van economische feiten’. Wat in feite een paradox is, want: ‘Mensen worden meestal sikkeneurig van economie. Ik zeg altijd: zoals een komiek grappen maakt, zo maakt een econoom zich zorgen.’

Inmiddels is Van Bergen bezig met een volgend project, over de industriële revolutie: de periode aan het eind van de achttiende en begin negentiende eeuw waarin het fundament werd gelegd voor de economische groei die tegenwoordig zo normaal gevonden wordt. Van Bergen: ‘Als ik research doe voor een boek, vind ik het leuk om onorthodoxe bronnen te gebruiken, voor sfeerbeschrijvingen en details die je in de gangbare literatuur niet vindt. Om die reden ben ik Frankenstein van Mary Shelley gaan lezen, verschenen in 1818, toen geleerden elektriseermachine-demonstraties hielden en experimenteerden met stroomstoten. En nu ben ik zo enthousiast dat ik het iedereen aanraad.’

Frankenstein, de beroemde klassieker – niet echt een vergeten roman. ‘Nee, maar wel een waarvan ik durf te wedden dat de meeste mensen hem niet gelezen hebben. Onterecht, want wat een boek! Het verhaal kende ik natuurlijk al, in grote lijnen: dr. Frankenstein creëert een mens, dat mens blijkt een monster, het loopt slecht af. En toch was het adembenemend spannend. Ik doorvoelde de dilemma’s van Frankenstein, maar leefde minstens evenzeer mee met het monster. Hoewel ik dat eigenlijk een verkeerde benaming vind, want hij heeft ook menselijke verlangens. Dat iets wat al twee eeuwen oud is – en bovendien geschreven door een vrouw van nog geen 20 – zó spannend is en mij zó kan raken, dat had ik niet verwacht.’

Terwijl klassiekers soms kunnen tegenvallen, zegt Van Bergen. ‘Als je merkt dat een boek echt verouderd is, dan voelt het als verplichte kost. Nou, dat is Frankenstein absoluut niet. Ik had het mee tijdens een fietsvakantie en was blij als we aan het eind van de middag terug waren – dan kon ik weer lekker doorlezen.’

Voor haar eigen boek over de industriële revolutie heeft ze er overigens weinig aan gehad, op één passage na. ‘Frankenstein reist op een gegeven moment vanuit Zwitserland naar Schotland, over de Rijn. Het laatste stuk moet hij met de postkoets, want ze hebben wind tegen en de rivier stroomt niet snel genoeg. Dat is een prachtig detail dat ik zeker zal gebruiken wanneer ik over de Rijn ga schrijven: aan het begin van de negentiende eeuw was de rivier namelijk op veel plekken slecht bevaarbaar. Tijdens het Congres van Wenen in 1815 zijn daar afspraken over gemaakt, hoewel het nog decennia zou duren voordat de Nieuwe Waterweg werd gegraven. Dat was dus mijn ‘oogst’, wat research betreft, maar verder was het gewoon een good read.’

Bronvermelding

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *