De nieuwe, gelikte scifi-serie van de VPRO is het Nederlandse antwoord op Black Mirror

De toekomst die we zien in sciencefiction is eigenlijk al begonnen. Dat beseffen ook de makers van de speculatieve wetenschapsserie De toekomst is fantastisch, iedere donderdag te zien bij de VPRO op NPO 3. Daarin zien we het leven in 2039, gespeeld door acteurs. Baby’s groeien in kunstmatige baarmoeders, traumatische herinneringen kun je makkelijk verwijderen en robots begrijpen je beter dan je partner. 

Ondertussen blikt een alwetende voice-over terug op het jaar 2019, toen deze ontwikkelingen nog in de kinderschoenen stonden. In het heden spreken Tim den Besten en Marijn Frank hun verwondering uit tegen hippe, toegankelijke wetenschappers die de nieuwste technologie uittesten.

De futuristische scènes zien er gelikt uit, met realistische hologrammen, oplichtende gadgets en kleding in pastel- en grijstinten, volgens de laatste mode van 2039. Fijn dat de VPRO daar budget voor kon vrijmaken, want dat verhoogt absoluut het kijkplezier. Maar goede sciencefiction leunt niet alleen op een fraai decor. 

Kijk naar de profetische hitserie Black Mirror. Dat gaat niet zozeer over de technologische snufjes die we later zullen gebruiken, maar over de mensen die ermee omgaan en de ethische dilemma’s waarmee ze worstelen. Wat doet het met ons als we alle controle uit handen geven, altijd in de gaten worden gehouden en emotionele steun zoeken bij machines?

Ouders maken een selfie met hun ‘babypod’, in ‘De toekomst is fantastisch’. Beeld VPRO

Die morele kwesties worden ook goed uitgediept in De toekomst is fantastisch. Een kunstmatige ‘babypod’ staat beeldig in de woonkamer en is het een enorme opluchting als een vrouw niet meer fysiek zwanger hoeft te zijn. Maar wat als je je nieuwe baby tot in de details kunt ontwerpen; welke huidskleur en geaardheid geef je hem of haar? Sowieso scoort de serie hoog op diversiteit, zowel in de verhaallijnen als in de gevarieerde cast. 

Een ander dilemma. Voor mensen die keer op keer een trauma herbeleven kan een bètablokker uitkomst bieden. Maar als meisjes later de herinnering aan misbruik met één pil kunnen ‘neutraliseren’, wordt seksueel overschrijdend gedrag dan niet genormaliseerd? Ook zien we hoe een begripvolle robot een gebroken gezin nog verder uit elkaar drijft. Moeten we verlangen naar een perfecte vriend die altijd zegt wat je wil horen? 

De VPRO heeft al eens eerder geprobeerd om het leven in de toekomst voor te stellen. Missie Aarde was ‘de allereerste science fiction-komedieserie van Nederland’, over de bemanning van een ruimteschip die een nieuwe thuisplaneet moest zoeken voor de mensheid. Dat was wel een ander soort programma, dat er veel goedkoper uitzag en bovendien erg flauw was. De toekomst is fantastisch raakt gelukkig wel de juiste snaar. 

Je moet de serie zien als het Nederlandse antwoord op Black Mirror. Actrices zoals Eva Crutzen, Manoushka Zeegelaar Breeveld en Miryanna van Reeden maken de voordelen van slimme technologie invoelbaar, maar ook de paniek als het allemaal uit de hand loopt. De toekomst is niet fantastisch; de programmatitel is natuurlijk ironisch bedoeld. De toekomst wordt hoe dan ook verwarrend.

Bronvermelding

Met gevoel voor traditie maakt Kiwanuka wederom een tintelend album dat helemaal van nu is ★★★★☆

Op zijn derde album werkt de Londense zanger en gitarist Michael ­Kiwanuka opnieuw samen met producer Danger Mouse, die als geen ­ander zijn bronstige soulstem weet in te bedden in grootse arrangementen. En dat kunnen de soulvolle liedjes van Kiwanuka beslist hebben, zo’n geluid dat de jarenzeventig­producties van Isaac Hayes en Curtis Mayfield in herinnering roept.

Kiwanuka is een van de betere producties van Danger Mouse. De muziek schiet volkomen natuurlijk alle kanten op. Van folk naar soul naar funk met steeds weer een aardige vondst zoals die noten priemende fuzzgitaar in Hero. Er wordt ook lekker de tijd genomen voor de liedjes op wat Kiwanuka’s meest veelzijdige plaat is geworden. Lange soms orkestrale intro’s versterken de indruk dat je naar een eigentijdse soundtrack van een blaxploitation film luistert. Heel knap en met gevoel voor traditie maakt Kiwanuka wederom een tintelend album dat helemaal van nu is.

Michael Kiwanuka

★★★★☆

Pop

Kiwanuka

Polydor/Universal

Bronvermelding

Vooral als Swans wordt bijgestaan door The Necks krijgt Leaving Meaning iets bezwerends ★★★★☆

Even leek Michael Gira er de brui aan te geven. Het tweede leven dat zijn compromisloze, soms tergend harde rockband Swans in 2010 begon, werd in 2017 na vier ijzersterke albums ­beëindigd. Tijdelijk, zo blijkt. De Amerikaanse frontman gaat met een deels gewijzigde band gewoon door. De dubbelaar Leaving Meaning laat wel een andere Swans horen. De machinale, soms maniakale expressie die Swans eigen is gaat wat minder de diepte in en is wat meer over de breedte uitgesmeerd. Minder industrieel, meer neigend naar het soort gothicfolk dat Gira’s andere band ­Angels of Light ooit zo bijzonder maakte.

Gira zingt in de lange nummers met hypnotiserende kadans weer meer dan hij schreeuwt. Vooral als hij wordt bijgestaan door het improjazz pianotrio The Necks krijgen de stukken iets bezwerends. En wat is het mooi om Baby Dee in The Nub weer eens voluit te ­horen gaan met haar even beangstigende als betoverende stem.

Swans

★★★★☆

Pop

Leaving Meaning

Mute/PIAS

Bronvermelding

Alleen de platen waarop Dylan samenwerkt met Cash leveren nieuwe inzichten op ★★★★☆

Het vijftiende deel in de onvolprezen Bootleg Series van Bob Dylan is dit keer geen grote box, maar een handzame driedelige set. De periode 1967-1969 wordt behandeld, hierin bracht Dylan twee albums uit: John Wesley Harding (1967) en Nashville Skyline (1969). Twee platen die een compleet andere Dylan lieten horen dan op het voorgaande album Blonde On Blonde (1966). De liedjes zijn korter, kaler en vooral op Nashville Skyline sterk beïnvloed door de countrymuziek uit Nashville, waar beide platen werden opgenomen.

Dylan had weinig tijd nodig voor de juiste versies waardoor er maar ­weinig restmateriaal van die sessies is overgebleven. De eerste cd/lp biedt weinig nieuwe inzichten. Het hart van dit wederom voorbeeldig samengestelde Bootleg-deel wordt gevormd door cd/lp 2 en 3. Die bevatten het resultaat van de samenwerking met Johnny Cash.

Wie precies wie heeft uitgenodigd om samen liedjes te gaan zingen, is onduidelijk, maar dat ze buitengewoon veel schik hadden in het spelen van vooral oude Cash-liedjes is evident. Aan Dylans voorzichtige manier van zingen hoor je bijna hoeveel ontzag hij voor Cash heeft. I Still Miss ­Someone, I Walk the Line en vooral Big River klinken zo goed dat je je afvraagt waarom er nu pas iets mee wordt ­gedaan.

Uiteindelijk zou uit deze samenwerking alleen Girl from the North Country de plaat halen. Maar wat mooi dat vijftig jaar later bijvoorbeeld het door Cash en later Nick Cave bekend geworden Wanted Man nu in een prachtige studioversie beschikbaar is.

Dylan besluit zijn country-exercitie met een buitengewoon trefzekere versie van Folsom Prison Blues. Als altijd zoekende zou hij nooit meer iets in Nashville opnemen.

Bob Dylan featuring Johnny Cash

★★★★☆

Pop

Travelin’ Thru –The Bootleg Series Vol. 15

Legacy/Sony Music

Bronvermelding

De Ombudsclown geeft een cadeau dat niet nodig is

De klacht

‘Beste Ombudsclown’, mailt Annemarie Stroes-van Rooij uit Abbekerk. ‘Ik vraag me steeds af waarom er op de voorpagina van de krant ook sportnieuws staat. De afdeling sport heeft toch een heel eigen katern? Daarop zie ik nooit nieuws of bijvoorbeeld kookrecepten staan. Vandaag (dinsdag 29/10) stond er behalve sport op de eerste pagina ook nog een onsmakelijke foto met artikel op pagina 3 over het sportgebeuren. Is dat wel nodig of is hier iets aan te doen?’

De Ombudsclown

Wat is het toch heerlijk dat mensen die de Ombudsclown benaderen het antwoord op hun vraag al weten. De Ombudsclown vond de desbetreffende foto van een halfblote Feyenoorder in zijn thuisfanbase om in te lijsten. Verder denkt de Ombudsclown dat Annemarie Stroes-van Rooij geen Feyenoord-kattenbandje nodig heeft, maar voor de zekerheid bestelt de Ombudsclown er toch eentje.

Klagen loont! didu@volkskrant.nl

Bronvermelding

Help: het einde der vrije festivaltijden is nabij!

Weet u nog, toen u voor het eerst een festival bezocht? Dat u door die festivalpoorten liep en overvallen werd door het heerlijke idee dat u een nieuwe levensfase tegemoet trad? Dat u de prikkelende geur van vrijheid in de neusvleugels kreeg, en het gevoel had dat u een bloemenkind was? U was los van de wereld. En dat kwam doordat u zich onbespied waande, in een vrijstaat waar twee of drie dagen lang alles mocht. Leuk hoor, al die bandjes, maar daar ging het even niet om. U was zelf rock-’n-roll geworden.

Goed, met dat hopeloos ouderwetse gevoel moet het maar eens afgelopen zijn. Dat hebben een paar misantropische geesten besloten. Onder het wapperende banier van de vooruitgang is men in de Verenigde Staten van plan een technologisch geavanceerd systeem van gezichtsherkenning in te zetten bij festivals. En als dat systeem straks werkelijk wordt ingevoerd, uiteraard ook in volgzaam Nederland, wandelen u en/of uw kinderen straks een festivalpoort binnen om gebliept, herkend en afgevinkt te worden in een beeldscherm. Vanaf dat moment kan uw handel en wandel op het festivalterrein geregistreerd worden, ook dankzij van die praktische, persoonlijke polsbandjes waarmee u kunt afrekenen. U ligt, kortom, onder de loep van het festival en iedereen die er wat voor over heeft om die fijne gegevens ook even in te zien.

Het Amerikaanse bedrijf Ticketmaster, zo werd de afgelopen maanden duidelijk, investeert momenteel in geavanceerde gezichtsherkenningstechnologie. Wordt die werkelijk ingezet bij festivals, is het idee van de ook in Nederland opererende kaartverkoper, dan kan een festival beter inspelen op de behoeften van het publiek.

Het biedt ook vele extra’s. Je kunt als meekijkende security achter een beeldscherm ook heel makkelijk festivalgangers uit de rij pikken wier hoofd je niet aanstaat. Ook handig: een waarschuwend bliepje bij het hoofd van een persoon van wie de verblijfsvergunning niet in orde is, of die eigenlijk op school had moeten zitten.

Dan gaat daarna nog een wereld aan mogelijkheden open. Bedrijven op het terrein kunnen zien wie waar wat koopt. En of een bezoeker veel bier drinkt, of liever cocktails. Daar kan zo’n festival dan weer op inspelen, bijvoorbeeld door u praktische berichten te sturen. En wie weet kunnen andere bedrijven later ook nog wat met de gegevens. De vreemdelingenpolitie of zo. Of die ziektekostenverzekeraar die heeft geconstateerd dat u overdreven veel bier zuipt. 

Het lijken misschien spookverhalen, en de bedrijven achter deze festivalapocalyps zullen zeggen dat misbruik van gegevens zal worden bestreden, maar het vervelende van spookverhalen in de hoek van de voortschrijdende technologie is dat ze binnen een paar maanden meestal keiharde realiteit zijn.

Goddank is in de Verenigde Staten een tegenbeweging op gang gekomen. Een groot aantal bands heeft het ultieme machtsmiddel ingezet en zegt niet meer te komen spelen op festivals die gebruik gaan maken van gezichtsherkenning. Vooral gitarist Tom Morello van de band Rage Against the Machine (wat is die naam in dit dossier weer toepasselijk) maakt lawaai: hij voorspelt dat de nieuwe techniek racisme en etnische profilering in de hand werkt. Om nog maar te zwijgen van datalekken en commercieel misbruik.

Op de site Banfacialrecognition.com wordt keurig voor ons bijgehouden welke festivals wel, en welke beslist geen gebruik zullen maken van de gezichtssurveillance. Ook dat is handig, wie nu al de leuke festivals voor komend jaar wil aankruisen in de agenda.

Inzoomende camera’s op festivals moeten natuurlijk als de bliksem buiten de poorten worden gesmeten. Anders is het einde der vrije festivaltijden nabij. 

Bronvermelding

Vijf platen die u gehoord moet hebben volgens singer-songwriter Amanda Palmer

Amanda Palmer.
Beeld Daniel Cohen

Amerika verdeeld? Echt niet! Singer-songwriter Amanda Palmer weet dat er één ding is dat een ijzersterke band heeft gesmeed tussen al haar landgenoten. Ze zingt erover in Everybody Knows Somebody, een  meezingfolklied. Want wat iedereen, van New York tot Californië bindt, is dat elke Amerikaan nu wel iemand kent die het slachtoffer werd van een schietincident.

Zo scherp als ze is in het veroordelen van het Amerikaanse wapenbeleid, zo invoelend is ze als ze zingt over persoonlijk verlies en menselijke tekortkomingen. Ze schroomt er niet voor haar persoonlijke misère te delen als dat troost biedt aan anderen.

In de kleedkamer van een Amsterdams theater maakt de 43-jarige Amerikaanse duidelijk dat Everybody Knows Somebody niet is bedoeld om op sociaal vlak ook echt iets te veranderen. ‘Ik wilde mijn frustratie over het wapenbeleid delen met mijn fans, die begrijpen het.’

Die fans vormen haast een stam rond Palmer; ze volgen al haar bezigheden online en communiceren rechtstreeks met haar. Want Palmer, die van 2000 tot 2008 één helft van het punkcabaretduo Dresden Dolls vormde, is een artiest die de zegeningen van internet ten volle benut. Ze heeft zich losgeweekt van de traditionele muziekindustrie en gebruikt internet als instrument om haar werk te financieren.

Ze doet dat met verve. Haar boek over crowdfunding, The Art of Asking, kwam op de bestsellerlijst van The New York Times. En het succes van Dresden Dolls, bij een kleine maar ongelooflijk toegewijde achterban, leverde zoveel vertrouwen op, dat haar fans haar structureel financieel blijven steunen. 

Amanda Palmer Beeld Daniel Cohen

Palmer: ‘Ik hoef me geen zorgen te maken of mijn werk breed aanslaat, dat vind ik prettig. Je kunt een behoorlijk kleingeestige kunstenaar worden als je je gaat bezighouden met de impact van je werk, ook als het gaat om de maatschappelijke impact van een folksong. Als je daaraan tijd besteedt, in plaats van aan het creatieve proces, beland je uiteindelijk in dezelfde cirkel van de hel als artiesten die zich laten leiden door het aantal Spotify-streams.’

Natuurlijk, ze voelt de druk die inherent is aan online geld inzamelen. Bij haar is die echter veel minder dan bij de klassieke, projectmatige manier van crowdfunden. Palmers fans steunen haar via het crowdfundingplatform Patreon met een vast bedrag per maand. ‘Het werkt al jaren prima zo. Ik hoef me nu maar op een ding te concentreren: heeft mijn achterban genoeg vertrouwen in me? Zo ja dan krijg ik mijn geld binnen en kan ik doen wat ik wil.’

Zoals een meezingliedje maken dat eigenlijk te triest is om mee te zingen.

Beatles – Sgt. Peppers’ Lonely Hearts Club Band (1967)

‘Het allereerste album dat ik in mijn kindertijd opnieuw en opnieuw bleef draaien. Sgt. Pepper’s heeft me als 6-jarige geleerd hoe een platenspeler werkt. Hij staat nu weer op repeat, want ik laat hem herhaaldelijk horen aan mijn zoontje die 4 jaar oud is. Ik raak er maar niet door verveeld. Zo’n bizarre verzameling songs en muziekstijlen. Er staat niet één nummer op dat me niet fascineert. Mijn favoriete album aller tijden.’

Neutral Milk Hotel – In The Aeroplane Over The Sea (1998)

Folky cultklassieker van een indierockband, die geen commercieel succes kende, maar hoog werd aangeslagen door critici.

‘Net als Sgt. Pepper’s een soort van conceptalbum. Ook al hebben de nummers geen gemeenschappelijk thema, je voelt dat ze uit dezelfde wereld komen. En het poëtische schrijftalent van zanger Jeff Mangum is buitenaards. Ik hoorde deze voor het eerst na de eerste repetitie van Dresden Dolls. In de flat van Brian (Viglione, drummer van het duo) rookten we wat wiet, toen deed hij het licht uit en zei: ‘Luister dit, van begin tot eind.’ Het voelde als een cadeautje.’

Nick Cave – Skeleton Tree (2016)

Plaat van de indiegod waarin hij thema’s als rouw en persoonlijk verlies behandelt. Caves zoon verongelukte in de opnameperiode.

‘Ik luisterde elke ochtend naar Skeleton Tree toen ik mijn laatste album aan het maken was. Het laat zien hoe kwetsbaar je jezelf mag opstellen als songschrijver. Je hoort hoe Cave op niemand indruk heeft willen maken en echt vanuit zijn hart communiceert. Hij sneed een stuk van zichzelf af en gaf het aan de luisteraar. Ik aanbid Cave al vanaf mijn 14de. Ik heb mijn laatste plaat naar hem gestuurd voor feedback, maar heb nog niets gehoord, nee.’

Lorde – Pure Heroine (2013)

Geprezen debuut van Nieuw-Zeelandse zangeres waarmee ze kritiek levert op mainstreamcultuur vanuit een jongerenperspectief.

‘Het lijkt erop dat Lorde van dezelfde songwriterplaneet komt als ik: planeet Gothpoëzie, waar de betekenis van de donkere teksten niet op een presenteerblaadje ligt, maar waar je net genoeg duiding krijgt zodat de puzzelstukjes op hun plaats vallen. Ze is een intelligente songschrijver. Ik vind het mooi hoe je haar persoonlijkheid terug hoort in haar stem. Een plaat die pretenties heeft zonder pretentieus te zijn.’

Lingua Ignota – Caligula (2019)

Naargeestig muziekstuk waarin Lingua Ignota, zangeres en pianist Kristin Hayter, haar ervaringen met huiselijk en seksueel geweld heeft verwerkt.

‘Een confronterende, take no prisoners, totaal niet-commerciële artiest met een liveshow waaraan je je  aan kunt onttrekken. Hayter is een kruising van Diamanda Galas (jarentachtigundergroundzangeres met een vocaal register dat reikt van dierlijk geknauw tot ijselijk gegil) en Merzbow (noiseproject van de kunstenaar Masami Akita). Er zijn momenten dat Caligula als liturgische muziek klinkt, op andere momenten als ondoordringbaar geluidspuin. Dit is zo’n plaat die ik aan vrienden geef als ik denk dat ze het nodig hebben.’

Bronvermelding

Van betekenisvolle spulletjes en materialen van over de hele wereld maakt Lorenzo Vitturi kunst

De kunstenaar maakt sculpturen van alle dingen die hij vindt en maakt daar vervolgens foto’s van. Zo  verbeeldt hij het enorme thema mondialisering (en passant zijn eigen familiegeschiedenis) op zijn kleinst. En kleurrijkst.  

Hoe zou het atelier van Lorenzo Vitturi (39) eruitzien? ‘Een puinhoop’, grinnikt de Italiaanse fotograaf zacht. Oké, maar dan wel een mooie puinhoop, zo stel ik me voor, vol kleurrijke spullen, objecten, materialen, en zelfgemaakte, uiterst esthetische altaartjes en sculpturen, klaar om vastgelegd te worden. Vitturi, wiens grote overzichtstentoonstelling Materia Impura nu te zien is in fotografiemuseum Foam in Amsterdam, is geïnteresseerd in stedelijke verandering, globalisering en culturele vermenging. Het zijn ingewikkelde, gelaagde onderwerpen, die hij ook nog eens op een omstandige wijze in beeld brengt. Het belangrijkste wat je als kijker moet onthouden is dit: die spullen, objecten en materialen die hij overal vandaan verzamelt, díé vertellen het verhaal.

Wie bekend is met het werk waarmee hij in 2013 doorbrak, weet hoe dat eruitziet. In Dalston Anatomy probeerde hij de geest, de geuren en de gekte van de Ridley Road Market, vlak bij zijn huis in Londen, te pakken te krijgen, voordat die plek wellicht door gentrificatie aan gekte zou inboeten. Vitturi, die tijdens zijn studie fotografie werkte als decorschilder in een Italiaanse filmstudio, legde de markt niet op een traditionele documentaire manier vast, maar haalde de ingrediënten, de ‘bouwstenen’ van de uitbundige plek, naar zijn studio. Hij maakte knotsgekke, surrealistische sculpturen van groente en fruit, die hij fotografeerde tegen een achtergrond van het bouwmateriaal van de marktstalletjes. Hij gebruikte inpakpapier, plastic zakjes, bananenbladeren, ballonnen en afval; hij portretteerde de marktmensen, even kleurrijk als hun producten, en bestrooide hun foto’s met kruiden en felle pigmenten.

Vitturi bouwde de Ridley Road Market na (te zien in de laatste zaal van de expositie in Foam). Niet letterlijk zoals hij eruitzag, maar figuurlijk, zoals de drukke plek zich in zijn hoofd had genesteld: als een super-esthetische kakofonie van kleur, geur, geluid. In zijn eigen woorden: Dalston Anatomy is een ‘visuele benadering’ van een plek. En een project dat de toon zette voor de rest van de projecten van de fotograaf.

Zei ik ‘fotograaf’? Stop de tijd; Vitturi is een kunstenaar, een straatjutter, een beeldenmaker, een knutselaar met een timmermansoog, een setdesigner, magisch realist, performer, wereldreiziger, sjamaan – en oké, uiteindelijk ook een fotograaf.

‘Sjamaan.’ Vitturi (schaduwbaardje, woeste donkere krullen, en tijdens het gesprek nog volop bezig met de opbouw van Materia Impura) kauwt grijnzend op het woord. ‘Eh…’ Hij kijkt naar de kleurrijke figuren die in de eerste zaal van de tentoonstelling staan opgesteld. De ruimte is gewijd aan zijn nieuwste, lopende project Caminantes, over zijn eigen familiegeschiedenis.

Green Cotisso Mantas Foam Green Fortuny Mask Wicker Vase Blue Plastic in Paracas uit de serie Caminantes, 2019. Beeld Lorenzo Vitturi / Foam

Hybride figuren

In de jaren zestig reisde zijn Venetiaanse vader naar Peru om daar een glasfabriek te openen, een vestiging van de beroemde glasfabrieken op het eiland Murano bij Venetië, waar men sinds de 13de eeuw volgens geheime recepten glaswerk en spiegels maakt. Waaróm zijn vader naar Peru ging, is een gekke vraag. Gewoon, dáárom. Vitturi komt uit een familie van nomaden, reizigers, caminantes.

‘Hybride figuren’, zoals hij zelf zegt, die nu eenmaal gaan waarheen de wind waait. Waarom níét, kun je dus beter vragen. In Peru kwam zijn vader zijn moeder tegen, en daarmee smolten de twee landen voor altijd samen. Hun zoon vertelt nu deze geschiedenis op z’n Lorenzo Vitturi’s na. Dus reisde de kunstenaar, zo vertelt hij, van Venetië naar Peru met een aantal brokken gekleurd ‘cotisso’, het rauwe materiaal waarvan de glasbewerkers van Murano, nadat het in de oven vloeibaar is geworden, hun kristallen producten maken.

Hij wijst het materiaal aan op een van zijn foto’s, en loopt dan naar de hoek van de zaal om zo’n brok tevoorschijn te toveren uit iets wat eigenlijk alleen maar kan worden beschreven als een wonderkist. Van buiten lijkt het een doodgewone, houten doos van ongeveer een meter hoog, op wieltjes. Maar gaat het deksel open, dan voel je wat je voelt wanneer je ontdekt dat je nieuwe winterjas verborgen binnenzakken heeft: pure vreugde. Het binnenste van de kist is verdeeld in vakken, die zijn bekleed met exact op maat gezaagde, dunne stukken piepschuim. In die vakken bevinden zich in wit schuimplastic en tape gewikkelde geheimzinnige voorwerpen van verschillende vormen en kleuren, als slapende diertjes in een winterlandschap.

Zelf wuift Vitturi het ding een beetje weg, zoals hij tijdens het gesprek wel vaker dingen verlegen maar beslist terzijde schuift, zo van: ik snap niet wat je dáár nou zo bijzonder aan vindt. Maar hoewel de reiskist geen deel uitmaakt van zijn tentoonstelling, vertelt hij wel precies wat je wil weten over Vitturi’s manier van werken; over zijn liefde voor objecten, spullen, materiaal, grondstoffen, de dingen die in zijn werk terugkomen. In het geval van Caminantes: de breekbare brokken glas.

Die maakten in Peru, net als zijn vader decennia geleden, kennis met de Zuid-Amerikaanse aarde. Ze versmolten er zelfs mee; Vitturi verhitte en vermengde het glas met de Peruaanse terracottagrond. Met het kleurrijke resultaat bouwde hij er, net als in Dalston Anatomy, sculpturen van, waarin hij ook andere materialen verwerkte: pikzwarte Peruaanse maiskolven, het verpakkingsmateriaal waarin de stukken cotisso werden vervoerd, schuimrubber, textiel, gekleurd garen, spullen die afkomstig waren uit verschillende sociaalmaatschappelijke milieus. Alles wat hij onderweg tegenkwam, gebruikte hij dwars door elkaar om zijn verhaal te vertellen. Voor het eerst schakelde hij ook zichzelf in, het ultieme product van de familiegeschiedenis; gewikkeld in stof poseerde hij bij 40 graden als een wonderlijke totempaal in de Peruaanse woestijn.

Red Cotisso, Green Pigment, Wood in Arìn uit de serie Caminantes, 2019. Beeld Lorenzo Vitturi / Foam

Sjamaan

Dat verhaal wordt verteld op monumentale foto’s aan de muur. Maar ook met de eerdergenoemde kleurrijke figuren, sommige klein, andere manshoog, die op gekleurde kleedjes middenin de tentoonstellingsruimte staan. Ze zijn gemaakt van dezelfde materialen die je op de foto’s ziet. De lappen, de stenen, de brokken glas, de zwarte maiskolven, het verpakkingsmateriaal – alles ging met Vitturi mee terug naar Europa. Hij bouwde er installaties mee in de Laguna van Venetië, en nam de objecten in die luxe houten kist mee naar Amsterdam alwaar ze, geladen met betekenis, symbool staan voor trans-Atlantische transformatie, globalisatie en multiculturele versmelting.

Vandaar dus de vraag of de fotograaf niet eigenlijk, in plaats van al die andere benamingen, vooral een sjamaan is. Vitturi moet erom lachen. ‘Ik weet niet of ik sjamanistische capaciteiten heb, hoor’, zegt hij. 

‘Ik hou van rituelen’, zegt hij, ‘en van irrationaliteit. Mijn manier van werken is niet wetenschappelijk of journalistiek, maar instinctief, met veel ruimte voor poëzie en magisch realisme. In het dagelijks leven dreigen we dat kwijt te raken. Ik beschouw het als de rol van kunst om die magie terug te brengen, zonder tegelijk de verbinding met het heden en met hedendaagse onderwerpen te verliezen.’

Vitturi noemt twee van zijn inspiratiebronnen: de toverachtige zwart-witfoto’s van de Italiaanse fotograaf Mario Giacomelli, die met een magische blik keek naar de dagelijkse gebeurtenissen in zijn eigen dorp, en de hallucinerende boeken van de Colombiaanse schrijver Gabriel García Márquez, die ook de actualiteit niet uit het oog verloor. En ook hier weer versmelten Europa en Zuid-Amerika met elkaar, als glanzende brokken cotisso met steenrode aarde. ‘Ik ben altijd op zoek naar harmonie.’

Voorzichtig haalt hij een groen stuk glas uit de houten reiskoffer, en pelt het uit zijn witte jasje. Het is dof en heeft zachte vormen; het lijkt op een stuk kneedgum. Het object heeft een lange tocht achter de rug. Eerst ging het op het eiland Murano in een geheime machine, een soort droger die drie dagen lang hard ronddraaide (Vitturi mocht er niet bij zijn), waardoor het zijn wonderlijke vorm kreeg. Het reisde met Vitturi mee naar Peru en terug, en is nu hier in Amsterdam, waar het zijn plek vindt op een gekleurd Peruaans kleedje.

Het brok glas is een ‘hybride lichaam’ geworden, zegt Vitturi, terwijl hij er met zijn duim overheen wrijft. ‘Het doet me denken aan drijfhout.’ Het object hoort thuis in verschillende delen van de wereld, vindt hij, net als hijzelf. ‘Bij één plek of één land horen – ik weet niet hoe dat is. Ik vind het fijn om een nomade te zijn.’

Lorenzo Vitturi: Materia Impura. T/m 19/01 in Foam, Amsterdam.

Brown Fortuny Mantas Ccochinilla Ccoli Dyed Yarn Fishing Nets Wood in Lazzaretto Vecchio uit de serie Caminantes, 2019.
Beeld Lorenzo Vitturi Foam

In vlammen 

Hoe vertel je het verhaal van een veranderende, grootstedelijke plek? De Italiaanse kunstenaar Lorenzo Vitturi woonde een tijd in de Londense wijk Dalston, waar de gentrificatie oprukte. Na zijn project Dalston Anatomy, over de levendige markt in de wijk, begon hij aan Droste Effect, Debris and Other Problems (2016). Hij verzamelde afvalmateriaal op de plek waar een gloednieuwe wolkenkrabber werd gebouwd, en bouwde er in zijn studio hoge ‘gebouwen’ van, met dezelfde glimmende, luxe esthetiek. Toen hij uit Dalston vertrok, zette hij de fik in de sculpturen. Elke stap van die ‘visuele meditatie’ legde hij vast met de camera.

Bronvermelding

Het eindeloze bordspel ‘Brexit’ grote hit voor de kerstdagen

Beeld Eva Faché

In het begin van het spel krijgt elke speler een opdracht toegewezen. Bijvoorbeeld: ‘Breng drie keer hetzelfde voorstel in stemming in het parlement’, of: ‘Verlies Schotland, Noord-Ierland en een derde land naar keuze.’ Als elke speler een opdracht heeft gekozen, spant het erom welke speler de controle terugpakt en onherstelbare schade aan de economie berokkent.

Tijdens het dynamische spel trekken spelers steeds kanskaarten die goed of slecht kunnen uitvallen, zoals: ‘Verlaat de EU zonder te betalen’, ‘Nieuwe verkiezingen: ga terug naar start’, ‘U bent tweede geworden in een ijdelheidswedstrijd, na Mr. Speaker John Bercow’, en ‘Een rapport van de overheid zegt dat de Brexit nog slechter is voor de economie dan gedacht, betaal 35 miljard’.

Brexit is een strategisch spel, waarbij spelers elkaar constant kunnen dwarsbomen. Zet het parlement buitenspel om jouw Brexitdeal erdoor te krijgen, dwing je tegenstander via een wet uitstel te vragen bij de EU of blijf eindeloos pleiten voor een nieuw referendum zonder resultaat.

Intussen moet je op je hoede zijn voor de struikrover – Nigel Farage – die altijd op de loer ligt om de spelers zetels af te pakken. Ook moet je uitkijken voor de futloze oppositie van Labour en de conservatieve Tories die elk moment intern uit elkaar kunnen vallen.

Het spel levert plezier op voor Brexiteers, Remainers en iedereen die ervan houdt om een land zichzelf zoveel schade te zien toebrengen.

Bronvermelding

Hoe staan de strijdende partijen ervoor in de streamingoorlog?

Elke dienst heeft zo zijn eigen troeven en valkuilen. Maar ook de kijker zal zijn strategie gaan bepalen. 

Als dit een film was, zou Netflix tegenover een enorme vijandelijke troepenmacht staan, die aast op zijn territorium. Denk aan het tweede deel van Peter Jacksons filmreeks The Lord of the Rings, waarin mensen en elfen het fort van Helmsdiepte verdedigen tegen een leger van orks. Vlak voordat de strijd begint, staren ze naar elkaar, met hun pijl-en-boog of lans in de aanslag. Dan klinkt een strijdkreet en bestormen de troepen het fort. Even later zijn ze binnen en breken zwaardgevechten uit, man tegen man, op leven en dood.

Na jaren vol inleidende beschietingen is de streamingoorlog in een cruciale fase terechtgekomen. Marktleider Netflix wordt de komende maanden aangevallen door vier van de grootste en rijkste bedrijven ter wereld, die hun oog hebben laten vallen op een sector die groeit en groeit.

Al twaalf jaar maakt Netflix de dienst uit. Het Amerikaanse platform heeft abonnees in meer dan 190 landen. De streamingdienst zette in 2013 de stap naar Nederland en introduceerde een nieuwe vorm van series kijken, door niet wekelijks een aflevering beschikbaar te stellen, maar meteen een heel seizoen. Zo kregen we er de uitdrukking bingewatchen (ketting- of comakijken) bij.

De concurrentie staat te trappelen om de markt te betreden. Vanaf 1 november zijn in Nederland (en ruim honderd andere landen) de programma’s van het nieuwe streamingplatform van Apple te zien, met blikvangers als Jennifer Aniston en Oprah Winfrey. Twee weken later gaat Disney+ officieel van start in de Verenigde Staten, Canada en Nederland – een testversie is al gratis beschikbaar. In Amerika komen er in de lente van 2020 nog twee rivalen bij: Peacock, van NBC Universal, en HBO Max (WarnerMedia). Of die platforms ooit naar Nederland zullen komen, is onduidelijk.

Zoals Netflix-baas Reed Hastings het onlangs verwoordde, met een knipoog naar het populairste nummer uit de Disneyfilm Aladdin‘Vanaf november is er een geheel nieuwe wereld.’

Dit jaar stond in het teken van biedingsoorlogen. Netflix raakte de rechten van populaire oude comedyseries als Friends en The Office U.S. kwijt aan HBO Max en Peacock. HBO Max haalde voor het recordbedrag van 540 miljoen euro de sitcom Big Bang Theory binnen. Voor 90 miljoen minder verhuist South Park naar dat platform, bleek deze week. Netlix’ belangrijkste vangst is comedyserie Seinfeld, voor 450 miljoen euro.

Hoe ziet het strijdperk eruit? Wat is de strategie van de belangrijkste spelers? En wat doen de kijkers?

Het strijdperk 

Wereldwijd heeft Netflix 158 miljoen abonnees, het is de belangrijkste speler in de meeste landen waar Netflix te zien is. In Nederland heeft de dienst volgens onderzoeksbureau Telecompaper ruim tweederde van de markt in handen, met 3,17 miljoen abonnementen. Nummer twee is Videoland, dat vooral Nederlandse programma’s aanbiedt, zoals de serie Mocro Maffia. Dat platform wordt gebruikt door grofweg 760 duizend huishoudens, waarvan een substantieel deel in een gratis proefperiode zit. Eigenaar RTL houdt het op ‘meer dan 600 duizend betalende leden’. 

Hier is Amazon Prime Video relatief klein (80 duizend abonnees), wereldwijd is het een van de grootste aanbieders, met 100 miljoen abonnees. Maar dat cijfer is vertekend: ruim de helft is alleen lid om betere service te krijgen bij de kolossale webwinkel Amazon.com – films en series zijn een gratis, ongevraagd extraatje. Streamingdienst HBO is in Nederland beschikbaar via kabelaanbieder Ziggo. Zo’n 1,8 miljoen huishoudens hebben een pluspakket waarmee ze HBO-series kunnen zien.

Beeld Hilde Harshagen

De strategie van Disney+

Nederland is niet alleen een van de eerste drie landen waar Disney+ beschikbaar komt, het kreeg zelfs de wereldprimeur: sinds 12 september is de dienst hier gratis te gebruiken, zodat Disney praktische problemen kan opsporen en oplossen voor de lancering op 12 november. Een maand geleden hadden 600 duizend Nederlandse huishoudens zich al geregistreerd bij Disney+. 

Waaraan heeft Nederland de eer te danken? ‘We worden vaak gezien als ideale testmarkt’, zegt Ennèl van Eeden, media- en entertainmentkenner van adviesbureau PWC. ‘We hebben snel internet en staan meer dan anderen open voor internationale series. En Nederland is niet zo’n groot land. Als het hier misgaat, is dat minder erg.’

Het entertainmentbedrijf investeert een vermogen om zich in te vechten. Alleen al door films en series terug te trekken van Netflix loopt Disney jaarlijks 135 miljoen euro mis. Daar bovenop komen de kosten van de overname van een groot deel van het media- en filmbedrijf 21st Century Fox, voor ruim 62 miljard euro – een van de grootste mediaovernames van dit decennium.

Het resultaat is een indrukwekkend aanbod: vrijwel alle oude films van Disney, Pixar en Marvel, programma’s van National Geographic en ruim vijfduizend afleveringen van series als The Simpsons. Daar komen speciaal voor het platform gemaakte programma’s bij, zogeheten originals, zoals de Star Wars-serie The Mandalorian. Bij de lancering zijn dat er tien, over een jaar 35.

Het zal lang duren voordat Disney zijn investeringen kan terugverdienen, want Disney+ wordt relatief goedkoop: Amerikanen betalen, afgerond, 7 dollar per maand of 70 dollar per jaar. In Nederland kost het 7 euro per maand – minder dan Videoland (9 euro) en Netflix (8-14 euro).

Disney+ is niet zomaar een product, het is een verandering van het hele bedrijfs- en verdienmodel. Via zijn eigen platform brengt Disney films en series voortaan rechtstreeks naar de consument, zonder tussenkomst van distributeurs als Netflix. Dat levert een essentieel voordeel op: Disney komt meer te weten over zijn kijkers. Direct contact met consumenten is goud waard’, zegt Van Eeden. Het maakt het makkelijker om goede kijktips te geven en te voorspellen welke nieuwe titels kansrijk zijn.  

Apple tv+

Er was veel scepsis toen Apple in maart een streamingdienst aankondigde. Indrukwekkend hoor, de grote namen die het bedrijf had binnengehengeld, zoals regisseur Steven Spielberg. Maar zou Apple kunnen wedijveren met de succesvolle film- en seriemakers van Netflix en Disney?

Het technologiebedrijf heeft een paar troeven in handen, bleek in september. Voor slechts 5 dollar (in Nederland 5 euro) per maand ben je al abonnee van Apple tv+. Nog belangrijker: iedereen die een nieuwe iPhone, iPod Touch of Mac-computer koopt (of kocht sinds 10 september), krijgt een jaar gratis Apple tv+. Zo haalt het bedrijf in hoog tempo een gigantisch aantal gebruikers binnen. Kenners verwachten dat Apple de komende twaalf maanden alleen al buiten China minstens 130 miljoen iPhones zal verkopen, plus 60 miljoen Macbooks en iPads. 

Het budget voor nieuwe programma’s, 5,5 miljard euro, is al overschreden. Dat is geen probleem, voor Apple is het kleingeld. Sommige kenners noemen het bedrijf te voorzichtig, in vergelijking met Netflix. In 2019 investeert de marktleider 13,5 miljard euro in films en series, volgend jaar wordt dat 16 miljard.

Apple begint met negen originals. Vlaggenschip is de dramaserie The Morning Show, met Jennifer Aniston en Reese Witherspoon. Er is ongelooflijk veel geld in gestoken: de eerste twee seizoenen kostten 270 miljoen euro. Dat kwam vooral door de hoofdrolspeelsters, die ieder 1,8 miljoen euro per aflevering ontvingen. Het budget per episode was even hoog als dat van HBO’s spectaculaire fantasyserie Game of Thrones in het slotseizoen.

Tegenvaller is dat de eerste recensenten niet enthousiast zijn over nieuwe Apple-series. Volgens de gezaghebbende tv-criticus Alan Sepinwall toont The Morning Show  aan dat smijten met geld niet altijd de beste manier is om een probleem op te lossen: Apple heeft verstand van technologie, niet van tv maken.

Beeld Hilde Harshagen

Wie worden de winnaars en verliezers? 

‘Ik denk dat Netflix in ieder geval de komende twee jaar de grootste zal blijven’, zegt Peter van Herrewegen,  telecom- en mediaexpert van accountants- en adviesbureau EY. ‘Disney+ wordt de nieuwe nummer twee. Nederlandse streamingdiensten krijgen het lastig.’

Sanne De Bruyckere van onderzoeksbureau Telecompaper zet haar kaarten ook op Netflix en Disney. ‘Er gaan nu ook klappen vallen bij kabelaanbieders als KPN en Ziggo, die voorheen buiten schot bleven. Consumenten zullen kritischer kijken naar de kosten van bonuspakketten, waarmee ze bijvoorbeeld extra zenders ontvangen. En een groeiend aantal Nederlanders zal zijn kabelabonnement opzeggen. In Amerika gebeurt dat al op grote schaal, maar daar betaal je veel meer voor kabel-tv.’

Netflix heeft zo’n enorme voorsprong dat het wel een stootje kan hebben, denken experts. Cruciaal is dat de dienst zes jaar geleden al is begonnen met het produceren van eigen films en series. Daarmee kan Netflix op eigen kracht verder, zonder Disneyfilms en series als Friends. Voor de zekerheid zet Netflix deze maand extra zwaar geschut in om overstappen te ontmoedigen, zoals seizoen drie van The Crown, over het Britse koningshuis.

Of Amazon Prime Video zich internationaal kan meten met Disney en Netflix is moeilijk in te schatten. Dat komt ook doordat het bedrijf een ander verdienmodel heeft: streaming is niet de hoogste prioriteit, de webwinkel staat centraal. 

Iets dergelijks geldt voor Apple tv+, dat in eerste instantie iPhones en computers wil verkopen. De streamingdienst hoeft niet per se direct een succes te zijn, al is het maar omdat die voorlopig gratis is, voor velen. Apple heeft nog minstens een jaar om een beter en groter aanbod samen te stellen.

Hoe ziet de toekomst eruit?

‘Ooit zullen we denken: The Crown was een koopje.’ Met die oneliner waarschuwde Netflix-topman Hastings in september dat de astronomische productiekosten van series nog verder zullen toenemen door de verhevigde concurrentiestrijd. The Crown was tot een paar jaar geleden de duurste serie ooit, met een budget van ruim 100 miljoen euro voor het eerste seizoen. Ter vergelijking: voor dat geld kun je vijfhonderd afleveringen maken van een misdaadserie als Klem.

‘Voor consumenten is het op zich leuk dat er zo veel geld in series wordt gestoken: we zien misschien wel mooiere dingen dan ooit’, zegt Van Eeden van PWC. Maar platforms moeten hun torenhoge investeringen terugverdienen. Daar zullen maar een paar partijen in slagen.’ 

De komende jaren zal het aanbod van series en films verder versplinteren door de streaming wars – zoals internationale media de concurrentiestrijd noemen.  Als gevolg daarvan gaan consumenten volgens experts nóg meer illegaal downloaden, om die ene bijzondere serie te kijken, en ze zullen strategisch gedrag vertonen.

Met deze gids blijf je als kijker overeind in de streamingoorlog
Nu Disney+ en Apple tv+ er ook nog bij komen, is het geen doen meer om op elke dienst een abonnement te nemen. Met dit overzicht vis je de krenten uit de streamingpap.

‘Steeds meer consumenten zullen gaan hoppen van de ene streamingdienst naar de andere’, voorspelt De Bruyckere van Telecompaper. ‘Ze worden lid, kijken snel de beste series en zeggen weer op. Althans, dat nemen ze zich voor, want veel mensen vergeten dit uiteindelijk. Of ze komen er niet aan toe, omdat ze op de valreep worden verleid door een nieuwe serie. Het platform dat er het best in slaagt klanten vast te houden, wint de strijd.’ 

Grote vraag is hoe lang streamingdiensten op krediet kunnen blijven leven. Netflix, bijvoorbeeld, heeft een schuld van bijna 11 miljard euro. Vorige week kondigde het aan nog eens 1,8 miljard te zullen lenen, voor nieuwe programma’s. Formeel is dat geen probleem, omdat Netflix op papier winst maakt en de schuld kleiner is dan 10 procent van de beurswaarde.

Toch noemde beurskenner Jim Cramer van CNBC Netflix onlangs ‘een open zweer in de markt’. Aandeelhouders van streamingplatforms staren zich volgens hem blind op winstkansen in de toekomst, in plaats van te letten op concrete prestaties. Hij ziet parallellen met de ‘internetzeepbel’ die in 2000 uit elkaar spatte. ‘We moeten oppassen dat zoiets niet weer gebeurt.’

De streamingsector die in elkaar stort, het klinkt als een film. Er is vast al iemand bezig met het scenario.

The Mandalorian

Disneys belangrijkste wapen in de streaming wars is – heel toepasselijk – Star Wars. Kijkers worden gelokt met The Mandalorian, de eerste live-action Star Wars-serie. Centraal staat een premiejager, gespeeld door Pedro Pascal (een van de hoofdrolspelers uit Netflix-misdaadserie Narcos). Journalisten die al 27 minuten beeldmateriaal mochten zien van de serie, trekken parallellen met cowboyfilms. Hun reacties zijn positief; volgens een criticus van Associated Press oogt de serie ‘intens, verrassend duister en heel erg duur’.

Bronvermelding